Op het keto dieet eet je veel verzadigde vetten. Ons is lang verteld dat het eten van verzadigde vetten leidt tot een hoog cholesterol en dat dit hart- en vaatziektes veroorzaakt.
Zelf laat ik regelmatig mijn bloed testen, o.a. op vitamine D, CRP, HbA1C en cholesterol. Vroeger kon ik specifiek om triglyceriden en HDL-cholesterol vragen, maar dit is nu niet meer mogelijk en nu moet je het hele cholesterolpanel laten doen (wat natuurlijk duurder is). Ik betaal zelf, dat kan namelijk bij de SCAL klinieken, dat is wat goedkoper dan als je via de huisarts zou gaan.
Ik heb gemerkt dat mijn totale cholesterol en mijn LDL inderdaad hoger zijn op het keto dieet. Mijn triglyceriden zijn daarentegen heel veel omlaag gegaan en nu heel erg laag. Mijn HDL is flink omhoog gegaan. Mijn totaal cholesterol is ook omhoog gegaan. Maak ik me zorgen? Nee, ik ben heel tevreden met mijn waardes en ik zal hier uitleggen waarom.
Wat is cholesterol?
Cholesterol is een vetachtige stof, het is een sterol, die alleen in dierlijke producten voorkomt. Het bestaat uit een combinatie van een steroid en alcohol. Het is oplosbaar in vet, maar is zelf geen vet. Ons lichaam gebruikt cholesterol om:
- hormonen te maken
- als bouwstof voor lichaamscellen
- om vitamine D te maken
- gal te maken (dus voor de voedselvertering)
We kunnen niet leven zonder cholesterol! Ik heb vaak gehoord dat we binnen 3 uur zouden sterven als we geen cholesterol zouden hebben. Dit is niet vreemd, want we hebben cholesterol nodig voor:
- bouwstof voor cellen: cholesterol is een cruciaal bestanddeel van celmembranen, waardoor cellen hun structuur en stevigheid behouden.
- Aanmaak van hormonen: Ons lichaam gebruikt cholesterol voor de productie van belangrijke hormonen, zoals cortisol, oestrogeen en testosteron.
- Vitamine D-productie: We hebben cholesterol nodig voor de aanmaak van vitamine D, wat belangrijk is voor sterke botten, onze hersenen en ons immuunsysteem.
- Hersenfunctie: Onze hersenen bevatten ongeveer 25% van alle cholesterol in ons lichaam, wat essentieel is voor de verbindingen tussen zenuwen.
- Spijsvertering: Cholesterol is nodig voor de productie van galvloeistof. We hebben gal nodig bij het verteren van vetten.
Onze lever kan cholesterol maken
Onze lever kan dan ook zelf cholesterol maken en dat is maar goed ook, want cholesterol is van levensbelang.
De meeste cholesterol in ons lichaam komt dan ook niet uit onze voeding, maar wordt door onze lever gemaakt.
Als je vetarm eet en daardoor heel weinig cholesterol via je voeding binnen krijgt, dan gaat je lever extra cholesterol aanmaken. Het is dus zeer zeker mogelijk om heel vetarm te eten en een heel hoog cholesterol niveau te hebben. Mijn schoonmoeder had dit, ze at alleen een piepklein stukje kipfilet met salade, geen toegevoegde vetten en was altijd aan de statines. Ze snoepte wel veel. Bovendien kan hoog cholesterol (hypercholesterlemia) ook genetisch zijn.
Soorten cholesterol
Ons lichaam vervoert cholesterol door het aan een speciaal eiwit te binden. Dus de cholesterol in ons bloed (want cholesterol wordt via ons bloed vervoerd) is gebonden aan een speciaal eiwit (een lipoproteine). Het lipoproteine kan je zien als auto’s die de cholesterol door je bloed vervoeren.
Er wordt in het algemeen onderscheid gemaakt tussen HDL en LDL cholesterol. HDL (High Density Lipoprotein) wordt beschouwd als ‘goed cholesterol’ en LDL (Low Density Lipoprotein) wordt vaak ‘slecht cholesterol’ genoemd. LDL cholesterol vervoert cholesterol uit de lever naar de andere organen en HDL vervoert cholesterol weer terug naar de lever.
Verschillende soorten LDL
LDL kan je in verschillende groepen indelen. Het bestaat uit deeltjes die variëren in grootte en dichtheid. Er wordt onderscheid gemaakt tussen grote, ‘luchtige’ LDL-deeltjes en kleine, dichte LDL-deeltjes (sdLDL). Het belangrijkste verschil zit in de mate waarin ze bijdragen aan het risico op hart- en vaatziekten.
Grote, drijvende LDL-deeltjes (lipoproteïne-subpatroon A)
Deze deeltjes zijn relatief groot en minder dicht. Ze worden als minder schadelijk beschouwd omdat ze minder snel vastlopen in de wanden van slagaders en ze sneller door de lever worden verwijderd. Ze worden vaak geassocieerd met een lager risico op hart- en vaatziekten.
Kleine, dichte LDL-deeltjes (Small Dense LDL / sdLDL – lipoproteïne-subpatroon B).
Deze deeltjes zijn aanzienlijk kleiner, compacter en plakkeriger. Ze kunnen makkelijk de slagaderwand binnendringen, oxideren en sneller leiden tot plaquevorming (atherosclerose). Ze worden geassocieerd met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten.
Een hoog gehalte aan sdLDL is vaak een onderdeel van het “atherogene lipoproteïnefenotype”, wat veel voorkomt bij insulineresistentie, type 2 diabetes en het metabool syndroom.
De hoeveelheid kleine, dichte LDL-deeltjes worden vaak beïnvloed door voeding (veel snelle koolhydraten) en leefstijlfactoren. Diëten met minder koolhydraten en meer gezonde vetten kunnen de LDL-deeltjesgrootte gunstig beïnvloeden (groter maken). Niacine (vitamine B3) kan ook helpen de deeltjesgrootte te vergroten.
Wat is acceptabel?
De nieuwe richtlijn voor de maximale hoeveelheid LDL in je bloed is opnieuw verlaagd. Als je nu een LDL niveau van 1,8 millimol per liter in je bloed hebt zal je mogelijk het advies krijgen om statines te gaan slikken voor de rest van je leven. Veel cardiologen willen dan dus dat je preventief statines gaat slikken. Ons wordt door veel cardiologen verteld dat je dan een kleinere kans op hart- en vaatziekten hebt.
Huisartsen zijn het lang niet altijd hiermee eens en er wordt soms gesuggereerd dat cardiologen door de farmaceutische industrie er toe aangezet worden om meer en meer mensen aan de statines te krijgen. Hier kan je een interessant youtube filmpje hierover vinden van cardioloog Aseem Malhotra.
Of je wel of niet cholesterolverlagers krijgt voorgeschreven hangt af van het soort en de hoeveelheid cholesterol in je bloed. De drempelwaarde voor wat een ‘aanvaardbaar’ LDL cholesterol niveau zou zijn, wordt echter steeds verder verlaagd. Was ooit 4 millimol per liter aanvaardbaar nu is dat meer dan gehalveerd! Bovendien wordt in het algemeen het totale LDL of het LDL-C gemeten en is het waarschijnlijk veel preciezer om het niveau van de LDL-P deeltjes te meten.
Bloedtest
Vaak wordt gekeken naar de hoeveelheid LDL-C in het bloed, maar vooral bij mensen die insulineresistent zijn, is dit waarschijnlijk geen betrouwbare graadmeter en kan je veel beter kijken naar de hoeveelheid LDL-P.
Echter wordt ook de hoeveelheid HDL en triglyceriden gemeten. Die zijn heel nuttig om te weten.
Geen verband tussen LDL-C en hart- en vaatziekten
Toch wordt vrijwel altijd ook LDL-C niveau gemeten als je een cholesterol test laat doen. Want dat is makkelijk en goedkoop. Alleen wijst onderzoek na onderzoek uit dat er GEEN VERBAND is tussen een hoog LDL-C niveau en hart- en vaatziekten.
Je kan prima met statines je LDL-C niveau gaan verlagen, maar er is geen enkele reden om aan te nemen dat je hierdoor een kleinere kans op een hartaanval hebt.
Wat voorspelt risico op hart-en vaatziekten dan wel?
Een hoog LDL-C niveau is geen goede voorspeller of je wel of niet hart-of vaatziekten krijgt, maar metabool syndroom is dat wel. Metabool syndroom bestaat uit een aantal aandoeningen die wijzen op insuline resistentie. Uiteindelijk leidt dit vaak tot diabetes type 2.
Als je metabool syndroom hebt, heb je vaak één of meer van de volgende kenmerken:
- veel vet rond je middel
- hoog bloedsuikergehalte
- hoge bloeddruk
- hoge triglyceridenwaardes vergeleken met HDL niveau
Verhouding tussen triglyceriden en HDL
Triglyceriden zijn vetdeeltjes in ons bloed. Als je eet, zet je lichaam alle calorieën die het niet meteen hoeft te gebruiken om in triglyceriden. De triglyceriden worden opgeslagen in je vetcellen. Later geven hormonen triglyceriden af voor energie tussen maaltijden. Als je regelmatig meer calorieën eet dan je verbrandt, met name van koolhydraatrijk voedsel, dan krijg je een hoog triglyceriden niveau in je bloed.
Inmiddels heeft veel onderzoek laten zien dat de hoeveelheid triglyceriden vergeleken met de hoeveelheid HDL in je bloed een veel betere indicator is dat je een vergroot risico op hart-en vaatziekten hebt. Er is een verband tussen de verhouding triglyceriden/HDL en verhoogd risico op hart- en vaatziekten.
Preventief statines slikken verkleint je risico niet
Het feit dat steeds meer mensen statines slikken leidt niet tot minder hartaanvallen. Bovendien leidt het ook niet tot minder sterfgevallen. Het is veel effectiever om je leefstijl te veranderen en het vet rond je middel kwijt te raken! Dit doe je door te stoppen met alle vormen van suiker en alcohol (vooral bier).
Statines kunnen schadelijk zijn en hebben nare bijwerkingen
Zeker preventief statines slikken is volstrekt zinloos en waarschijnlijk zelfs schadelijk, want statines hebben heel wat bijwerkingen. Het onnodig slikken van statines kan zelfs leiden tot een vroegere dood en ondanks dat meerdere studies dit nu hebben laten zien, worden ze toch nog steeds preventief voorgeschreven.
Wetenschappelijk onderzoek heeft juist aangetoond dat mensen die ouder dan gemiddeld worden een hoger LDL-C niveau hebben. Onderzoek heeft verder uitgewezen dat statines bij vrouwen boven de 50 sowieso niet leiden tot minder hart- en vaatziekten en een langere levensduur.
Op zich misschien niet zo gek, want ELKE CEL IN JE LICHAAM HEEFT CHOLESTEROL NODIG!
Cholesterolverlagers?
Er is mogelijk (het onderzoek is niet éénduidig), één groep mensen die misschien wel baat hebben bij cholesterolverlagers. Dit zijn degenen die al een hartaanval hebben gehad en een stent hebben gekregen. Check dus met je arts of je wel of niet kunt stoppen met cholesterolverlagers en doe dit niet zondermeer op je eigen houtje.
Hoe voorkom je hart- en vaatziekten?
Hier kan je meer informatie vinden over hoe je je risico op hart- en vaatziektes kan verminderen.
Meer weten?
Dit is een interessante film (wel wat lang), waar op een gegeven moment ook uitgebreid over het onderzoek naar statines wordt gesproken en hoe statines heel hard door de farmaceutische industrie gepusht worden.
Hier kan je informatie vinden over een heel goed boek over statines van Malcolm Kendrick, hij is een bekende Schotse huisarts die al heel erg lang onderzoek naar hart-en vaatziekten doet.
Dit is een boek wat ik recent op het spoor kwam en wat met wetenschappelijk onderzoek laat zien dat het probleem de koolhydraten zijn en niet verzadigde vetten zoals ons jarenlang incorrect verteld is.
Het hele idee dat (1) verzadigde vetten zorgen voor een hoog cholesterolniveau en dat (2) een hoog cholesterol niveau tot hart-en vaatziekten leidt, gaat terug naar Ancel Keys. Hier kan je daar meer over lezen.





